Lebbeke is een gemeente in de Belgische provincie Oost-Vlaanderen. Ze ligt in de Denderstreek en het Land van Dendermonde. De gemeente telt iets meer dan 20.000 inwoners, die Lebbekenaars worden genoemd.
De geschiedenis van Lebbeke gaat ver terug. In 1945 werd er een gouden munt gevonden: een stater van de Bellovaci, wat wijst op bewoning in de Romeinse of pre-Romeinse tijd. De oudste schriftelijke vermelding dateert uit 988, toen Lebbeke, toen vermeld als Lietbeca, opnieuw onder het patronaatsrecht van de Gentse Sint-Baafsabdij kwam. Vermoedelijk stond er al in de 9e eeuw een kerk, mogelijk zelfs in de Karolingische periode.
Eeuwenlang was Lebbeke een belangrijk centrum van vlasteelt. De ligging speelde daarbij een grote rol. Drie heerbanen kruisten de gemeente: van Asse naar Dendermonde, van Dendermonde naar Mechelen en van Aalst naar de Schelde.
In 1788 werd de steenweg naar Brussel aangelegd. De ontwikkeling van het dorpscentrum kreeg een nieuwe impuls met de aanleg van de Grote Plaats in 1869. Tien jaar later, in 1879, werd het station Lebbeke geopend op de spoorlijn tussen Dendermonde en Brussel.
Ook de industrie drukte haar stempel op de gemeente. Tussen 1850 en 1963 was de fabriek van P.F. De Naeyer actief, waar lompen werden verwerkt tot kunstwol. Rond 1900 stelde het bedrijf ongeveer 900 mensen te werk, waardoor Lebbeke uitgroeide tot een belangrijk centrum van de lompenhandel.




