Chartres, gelegen op zo’n negentig kilometer ten zuidwesten van Parijs, is de hoofdstad van het departement Eure-et-Loir en een van de voornaamste steden van de regio Centre-Val de Loire. Eeuwenlang gold de stad als poort tussen Parijs en het Franse platteland — een plaats waar geschiedenis, geloof en vakmanschap elkaar kruisen.
De naam Chartres stamt van de Carnutes, een Gallisch volk dat hier zijn hoofdstad had. Volgens Julius Caesar kwamen hun druïden jaarlijks in het omringende woud bijeen, wat de stad een bijna mythische oorsprong geeft. Tijdens het Romeinse Rijk groeide Chartres uit tot een belangrijk bisschoppelijk centrum, dat in de 17e eeuw zelfs het grootste bisdom van Frankrijk werd.
Het symbool van de stad is zonder twijfel de kathedraal Notre-Dame de Chartres, een meesterwerk van gotische kunst en een UNESCO-werelderfgoed. Haar tweelingtorens, glas-in-loodramen en middeleeuws labyrint trekken al eeuwen pelgrims en bewonderaars van over de hele wereld. Chartres bleef ondanks oorlogen en branden een baken van geloof en schoonheid. Zelfs na de verwoestende bombardementen van mei 1944 herrees de stad met haar historische hart grotendeels intact.
Vandaag ademt Chartres rust en cultuur. De oude stad met haar vakwerkhuizen, de Eure-rivier en het jaarlijkse festival Chartres en Lumières, waarbij monumenten baden in lichtprojecties, maken van de stad een levend kunstwerk — waar verleden en heden in harmonie samenkomen.




